Je innerlijke criticus.Does es lief naar jezelf.

We (mijn vrouw en ik) zijn dit jaar ondanks coronacrises op vakantie geweest. We hebben gekampeerd in het prachtige zuiden van Polen. Polen, denk je misschien? Wat heb je daar nou te zoeken? Ik denk dat Polen een imagoprobleem heeft. Het heeft een prachtige natuur en cultuur. En prima wegen. En wij zijn vooral vriendelijke mensen tegengekomen. We hebben lekker gewandeld en gefietst. Eén van de wandelingen was naar de top van een berg. Op de top hebben we een uitkijktoren beklommen en van daar hadden we een prachtig uitzicht. Hierbij een foto.

Wat je niet ziet is hoe ik daar sta. Met angst in mijn lijf. Als ik naar beneden kijk…Engggggg! Ik verstijf en tegelijk word ik naar de rand getrokken, door een onzichtbare kracht…Engggg!  Ik heb last van hoogtevrees! Voor de grap zeg ik weleens dat ik nog bang ben om over de rand van mijn soepbord naar beneden te kijken, de diepte, die ik dan zie….  Hoogtevrees? Ik ben niet bang voor iets “hoogs”. Angst bekruipt me niet als ik omhoogkijk naar een hoge toren. Angst krijg ik als ik naar beneden kijk. Dieptevrees is een beter woord. Of anders valangst van grote hoogte?  Alsof ik niet genoeg heb, aan alleen, de hoogtevrees, is er dan ook nog dat kritische stemmetje in mezelf….

Dat kritische stemmetje, dat begint te ouwehoeren als ik op die hoogte sta. Het kind in mezelf dat zegt: “Stel je niet aan”. Kom op! Je bent toch geen watje! Doe niet zo onzeker! Sta toch niet zo krampachtig! Sukkel, kun je nou, niet eens even gewoon genieten van het uitzicht. Hoe hoog is het nou eigenlijk… veertig meter? Die mensen en kinderen naast je, wat denken die wel niet van je… die genieten wel…wat ben je toch een loser… Het gevolg is dat het innerlijke kind in me, me niet bepaald geruststelt.

Het kind in mezelf ? De coördinator, je innerlijke kind en het kwetsbare kind.

Ik zal ze even aan je voorstellen.

Er zit een kind in je. Niet letterlijk (tenzij je zwanger bent) en een coördinator en “het kwetsbare kind”.  De coördinator kun je vergelijken met een buschauffeur (met dank aan het boek:: Ik ken mijn ikken)  Hij is de baas op de bus. Bepaalt de richting en neemt beslissingen. Maar hij heeft passagiers aan boord, die op verschillende manieren de chauffeur van richting willen doen veranderen. Deze buspassagiers kun je vergelijken met “je innerlijk kind”. De buschauffeur kan van de wijs worden gebracht door deze passagiers. De één wil dat hij sneller rijdt. Een ander dat hij een kortere route rijdt. Weer een ander dat hij zich exact aan de snelheid houdt. Een vierde wil het liefst zelf het stuur overnemen.

Het innerlijk kind heeft al een geschiedenis in zich waardoor hij bepaalde rollen vervult. Zo kan hij bijvoorbeeld : pushen, pleasen, rationaliseren, perfectionistisch zijn, de clown spelen etc. Het innerlijk kind heeft behoeften die hij aan de coördinator meedeelt. Het is aan de coördinator, om hier naar te luisteren en met respect/liefde te bepalen, wat hij hiermee wil. Achter het innerlijk kind, zit  namelijk het kwetsbare kind in de bus. Het  meest kwetsbare, oorspronkelijke deel van je. En door achter het innerlijke kind te schuilen vind het daar bescherming.. “How fragile we are” zingt Sting.

Een voorbeeld.

s Morgens heb je besloten dat je vanaf vandaag wat gezonder gaat eten. Volgens de schijf for life, waarover je net gehoord hebt. Je wilt immers gezond oud worden. In de supermarkt loop je direct naar de groenten. Je pakt een komkommer en een krop sla. Je loopt naar de kassa. Dan kom je langs het snoep vak. En begint je innerlijke kind, je te “helpen” van denkrichting te veranderen.“… geniet toch, kom op, je leeft maar één keer. Wat een gezeur van die schijf for life. Als je nou dat Multipack met minimarsjes koopt. Je hoeft niet alles in één keer op te eten…maar je verdient het…” En voor je het weet loop je met twee pizza’s en een zak minimarsjes naar buiten. (En van mij mag je!).  Een  rol die je innerlijk kind kan spelen is die van innerlijke criticus.

Dat kritische stemmetje…Ik zal ‘m even aan je voorstellen. Je innerlijke criticus.

Hij (of zij natuurlijk, genderneutraal maar voor het gemak even “hij”) is zelfkritisch en dat is zo gek nog niet. Je hebt ’m nodig. De innerlijke criticus geeft je de mogelijkheid om na te denken over jezelf en je af te vragen of het ook anders of beter kan. Heb je helemaal geen innerlijke criticus hebt dan kun je een aanklager worden. Iemand die vindt dat “alles en altijd, de schuld bij anderen ligt, de buitenwereld. Zoals met elke rol die je innerlijk kind speelt. Je kunt er plezier van hebben maar het heeft ook zijn schaduwkanten. In goede relatie met elkaar loopt alles als vanzelf. 

Als je innerlijke criticus voortdurend “aanstaat” en je overal en altijd bekritiseerd en daarin overdrijft dan heb je een uitdaging. Dan wordt de innerlijke criticus, je de baas, een dictator. En met zo’n dictator heb je geen vijanden meer nodig. Deze dictator doet wat een dictator doet. Hij ondermijnt je zelfvertrouwen en je levenslust, blokkeert je en stopt je groeiproces. Onbewust gaat hij de baas spelen.  

Zoek de verschillen.                                                                 Hier rechts is verbeeld hoe je innerlijke kind zich als scherpe criticus, de “macht “overneemt.

Hoe herken je je innerlijke criticus?

Stel je innerlijke criticus de vraag wat hij vindt van je uiterlijk, je levensstijl, wat voor meningen hij over je heeft en hoe hij dat zegt. Wat heeft hij van huis meegekregen?  En welke regels vindt hij dat je je aan moet houden? Want die kent hij precies. Hij reist ook gewoon mee naar het werk. En naar deze blog. Nu zegt hij tegen mij:

 “Er klopt niks van, wat je over Polen schrijft.. Polen, …imagoprobleem? …Doe niet zo soft! Wat zit je nou goed te praten? Die lui in de Poolse  regering dat is toch een corrupte bende…Ze gebruiken Europa toch gewoon als pinapparaat”. “…Sukkel, leer toch eens beter formuleren.” “…Trouwens… Polen?  “Wat een sprankelende opening voor een blog …maar niet heus”.

Ik zet die commentaarstem maar even uit en Spotify aan.

De angst van een dictator is om de macht te verliezen. Ook je innerlijk kind heeft angst. Hij is bezorgd dat je niet goed meekomt. Hij wil voorkomen dat je faalt. En probeert krampachtig controle te houden. En hij probeert het meest kwetsbare, Het kwetsbare kind in jezelf te beschermen.

En je te beschermen tegen de buitenwereld. En tegen zware teleurstellingen. Vaak heeft hij al ervaringen achter de rug die hem die onzekerheid hebben bezorgd. Je kunt hem de vraag stellen waar hij zo bezorgd over is. Het vervelende is dat hij die zorg om zet in een heleboel lijden.

Hoe komt de dictator van zijn sokkel af? Of anders gezegd, hoe komt je innerlijk kind weer tot zijn recht? Twee tips.

  • Ik heb angst en dat mag!

Ik wil geen woordspelletjes met je spelen. Toch kan een woordspelletje veranderen in een moordspelletje. (Hé dat is een grappige woordspeling). Als ik mezelf toespreek in woorden als “sukkel, stel je niet zo aan” of “ik ben een watje” of “ik ben veel te dik en te lui om er iets aan te doen”. Of “ik ben slecht”. Of geniepiger: “Ik moet wat minder kritisch zijn”. (Je innerlijke criticus is heel flexibel en groeit met je mee) Dan is dat een sluipmoordenaar waar je onder gebukt kunt gaan. Als je jezelf toestaat om je imperfecties te omarmen en wat lichter te leven. Wordt het leven een stuk leuker. Gewoon veel mogen van jezelf. Hoe kan het toch dat we (vaak) liever zijn tegen een ander dan tegen onszelf? Het begint met het kind in jezelf toe te spreken als een goede vriend/vriendin. Wat zou je daartegen zeggen? Oké. Ik heb last van hoogtevrees en dat mag. Ik sta niet altijd klaar voor een ander en dat mag. Ik ben niet perfect en dat mag. Doe es lief voor jezelf!

  • Herken het kind in jezelf. Gebruik je coördinator!

Ik coach m.b.v. duplopoppetjes. Het neerzetten van het kind in jezelf en je coördinator is iedere keer weer heel herkenbaar. Ik heb nog nooit de reactie gehad van: Wat is dit voor raar gedoe? Hier kan ik niks mee. Ja…tsjaa… op een verjaardag of zoiets krijg ik wel eens een meewarige blik. Alsof ik van mars kom of tot een merkwaardige sekte (de duplodienaars?) behoor. De coördinator in jezelf kan het innerlijk kind opmerken. Je bewust worden van wat je innerlijk kind en daar naar handelen is de functie van de coördinator. Door je bewust te zijn van je innerlijke criticus geeft dat meer rust. En als je met een milde stem dan bij wijze van spreken, of als niemand het hoort tegen het kind in jezelf  zeggen. Hé mallerd, gekkie…doe es lief naar jezelf… Relativeren het mag! Humor ook. En je hoeft niet hardop te praten waarbij iedereen het hoort. Dat lijkt ook weer zo gek.